De jeugd van tegenwoordig

Sla de krant open en je leest verschillende verhalen over de straatjeugd. Een aantal thema’s zijn dominant aanwezig, namelijk drugscriminaliteit en wapengebruik. In veel gevallen wordt naast de politie ook de werksoort “jongerenwerk” benoemd als partner in de aanpak van deze thema’s.

Ik kan dat alleen maar toejuichen als jongerenwerker, want ik zie wel een rol voor jongerenwerk. In het uitvoerend werk met jongeren zijn beide thema’s niet alleen van nu. Toen ik begon waren deze thema’s ook al aanwezig als gespreksonderwerp en als feit, dit is nooit veranderd. En toch is het nu anders dan toen.

Jongerenwerk versus jeugdzorg
Jongerenwerk is de laatste jaren mee gaan transformeren; naast de stelselwijziging in de jeugdzorg, door de veranderingen in het sociaal domein. Jongerenwerk als vak is gericht op het aansluiten bij de maatschappelijk veranderingen en de jeugd en jongerencultuur, om een brug te slaan daar waar dat nodig is. Dit is anders dan de jeugdzorg. Die verandert - om de zorg aan jeugd en ouders meer op maat te laten aansluiten- naar de voorkant toe in de preventie, door meer gemeentelijke regie en om die korting van 25% te verwerken. Aanbieders, ambtenaren en adviesbureaus zijn lovend over de waarde van jongerenwerk. De stelling “jongerenwerk voorkomt zorg”  dringt binnen tot diep in de VNG in 2018. Ik ben het er mee eens, jongerenwerk voorkomt zorg, dat heeft het altijd al gedaan.  

Extra middelen
Ik zie dat gemeentes mondjesmaat jongerenwerk extra middelen bieden, sommige gemeentes investeren fors. Dat klinkt positief en dat is het ook. Toch plaats ik de kanttekening dat er in het sociaal domein, waar jongerenwerk onder valt, eerst decennia knetterharde bezuinigingen zijn doorgevoerd. En zijn er spreekwoordelijk vele baby’s met het badwater weggegooid.

Jongerenwerk verandert
De taken van jongerenwerk veranderen en dat is goed:

  • We zijn nu sociaal-makelaar,  we verbinden de vraag met het aanbod.
  • We zijn opvoeder van de straat, we spreken de jeugd aan op straat.
  • We zijn talent ontwikkelaars, we kijken naar het kunnen van de jeugd.
  • We zijn leefwereld expert, we zoeken jongeren op in hun omgeving en sluiten aan.
  • We zijn adviseur van de straat, de straat is onze front office.
  • We maken de stap naar opvoeders, we ondersteunen en rusten ouders toe.
  • We zijn een echte samenwerkingspartner geworden, we “samenwerken” ons suf met partners.
  • We verleggen onze inzet deels naar onderwijs, de plek waar onze doelgroep massaal samenkomt. 
  • We hebben één sterke vinger in de pap bij de aanpak van (jeugd)veiligheidsvraagstukken

Het lijstje kan nog wel wat langer gemaakt worden, het gaat niet om de lengte.

Maar wat doen we dan niet meer? Dat is een belangrijke vraag. Dit is ook de onzichtbare prijs die betaald wordt:

  • Veel jongerencentra hebben hun deuren gesloten.
    • Minder open inloop mogelijkheden.
    • Minder vormingswerk. 
    • Minder jeugd-culturele activiteiten
    • Minder ruimte tot ervaringsleren.
    • Minder ruimte voor maatschappelijke binding. (vrijwilligers werk)
    • Minder binding met een veilige haven als je los komt en bent van het ouderlijk huis.
  • Groepswerk maakt ruimte voor meer 1-1 werken met jongeren.
  • Samenwerken met partners gaat ten koste van de tijd voor de jeugd.

Het zijn de keuzes die gemaakt zijn, die passen bij het vak. Er is ander jongerenwerk nodig, want de context waarin jongerenwerk als vak opereert is toch ook anders geworden.

Als we dan het nieuws weer volgen is jongerenwerk de partij die aan de rafelranden van de criminaliteit het alternatief moet bieden. Het enthousiasmeren van jonge jongeren om goede keuzes te maken en perspectief te bieden naar de toekomst.

Het opvoeden in de buurt, adviseur zijn van de straat, de straat als front-office gebruiken. Het gaat het jongerenwerk in het algemeen goed af. Flexibel werken, multidisciplinair samenwerken, we worden er steeds beter in. Maar het bieden van een goed alternatief in voorzieningen raken we stap voor stap kwijt.  

Ijzer met handen breken
De jeugd waar het jongerenwerk zich opricht, die gasten op de hoek van de straat, voor hen is de straat ook hun front office. Ook zij zijn makelaar in een vraag en aanbod. Ze krijgen advies, en worden opgevoed door oudere negatieve rolmodellen. En de ruilmiddelen die zij kunnen bieden, daar kan ik als jongerenwerker maar moeilijk tegenop bieden. Ik heb wel eens gewerkt in een wijk, en had per jongere gemiddeld 20 minuten per week de tijd (voor alles wat er moest gebeuren). Menig van de jongeren hing gemiddeld 4-5 uur per dag op straat. Je kiest, je focust en beseft ook dat dit ten koste gaat van de relaties met andere jeugd, waar je geen tijd meer voor hebt. Het voelde soms als ijzer met je handen moeten breken.

Veilige basis
Opgroeien bestaat heel kort door de bocht uit 3 stappen.

  1. Als kind beleef je de wereld (de ouder heeft regie)
  2. Als jeugdige leef je op de wereld (komt los van de ouder, en leeft in het hier en nu)
  3. Als jongere leer je de systeemwereld begrijpen ( kan de complexiteit van de samenleving vertalen naar zijn eigen positie)

Een bevoorrecht kind heeft een ouder die vanuit regie de opvoeding, het opgroeien vormgeeft, die de jeugdige bijstuurt in de leefwereld en de jongere wegwijs maakt in de systeemwereld.  Maar we moeten toch echt beseffen dat niet alle kinderen deze bevoorrechte stabiele basis hebben. Dat de straat geen pedagogische omgeving is, als het sociaal domein de voorziening maar mondjes maat kan aanbieden. Het onderwijs steunt en kreunt onder de toenemende zorg voor de jeugd. Dan kunnen we niet anders, dan moet het ook echt in de gezinnen gaan gebeuren.

Samen werken aan veiligheid
Nederland telt ruim 25.000 jeugd & gezinsprofessionals en ruim 2000 jongerenwerkers.  Er lopen dus 12 keer meer jeugd en gezinsprofessionals rond. De vraag is of het jongerenwerk het ijzer moet blijven buigen. Of dat we moeten vragen of meer jeugd & gezinsprofessionals de straat als front office gaan gebruiken. Zodat we samen kunnen werken aan het buigen van de jeugdcultuur door een veilige haven te realiseren op de plekken waar dat hoort te zijn. Thuis door stevig ouderschap, in de wijk door een pedagogisch leefklimaat en een systeemwereld die inclusief is waar iedere jongere een gelijke kans heeft. Zo verdelen we de schaarste in het jeugddomein een beetje.

Want als je als kind beleeft dat de wereld onveilig is, je als jeugdige leeft in een wereld die onveilig voelt, en als jongere ontdekt je dat het systeem jou geen veiligheid en gelijke kansen bied. Wie of wat zou jou dan weerhouden om te luisteren naar die verkeerde adviseur? Die ene jongerenwerker, die nog geen 20 minuten de tijd per week voor jou heeft?  

Eigenlijk wil ik gewoon dat er 10.000 jongerenwerkers bij gaan komen, dat is 50% van de wens die minister Grapperhaus uitsprak eind oktober 2019. Naast de al bestaande ruim 25.000 jeugd & gezinsprofessionals en 2000 jongerenwerkers. Dan kunnen we verbindingen gaan maken, de pedagogische context waar jeugd in opgroeit gaan benaderen al totaal, in plaats van in subsystemen. Want bij het principe “verdelen van de schaarste” is er altijd iets of iemand die de prijs betaalt, laten we er voor zorgen dat het in dit geval niet de jeugd zal zijn.

Maarten Buurman
Bevlogen jeugd  & jongerenwerker en gezinsprofessional  

 

©2020-2021 Koepel Adviesraden Sociaal Domein | Disclaimer | Privacy verklaring | Sitemap

Secretariaat
Zalmsteek 23
3192 MC Hoogvliet-Rotterdam